Gedurende 1 jaar woont Mostafa in De Plataan. Hij is bij PSC terecht gekomen via de jongerenwerking. Bob, vrijwilliger bij De Plataan, schreef zijn verhaal over zijn tocht en aankomst in België neer.
Blijven dromen en volhouden
Mostafa is een open en hartelijke kerel: dat voel je meteen bij de eerste ontmoeting. Hij praat graag met mensen en heeft met hen het beste voor. Zelf moest hij nochtans zijn thuis loslaten en hindernissen overwinnen.
Tweeëntwintig jaren geleden is hij geboren in Latakia, een historische kuststad in het prachtige Syrië. Als op één na jongste in een gezin van tien kinderen (vijf jongens, vijf meisjes) had hij een zorgeloze kindertijd. Dat veranderde plots bij het uitbreken van de burgeroorlog in 2011. Hij herinnert zich levendig hoe de sfeer veranderde toen soldaten de straten bezetten en gewone mensen willekeurig van de straat oppakten. Velen vluchten weg, vooral naar Turkije. Toen Mostafa als tienjarige na schooltijd aansloot bij een vreedzame betoging voor meer basisrechten, werd hij geslagen en bedreigd door militairen. Een neef werd neergeschoten. De situatie escaleerde: buiten het eigen gezin kon je niemand meer vertrouwen.
Na veel aarzelen en afwegen werd in het geheim een vluchtpoging voorbereid. Als twaalfjarige vluchtte hij met zijn ouders naar Turkije. Samen met twee meerderjarige broers, een neef en schoonbroer, zou hij dan zonder zijn ouders doorreizen naar familie in België. Smokkelaars brachten ‘s nachts naar een strand in Ismir. Na uren wachten stapten ze met zestig personen in een rubberboot. Wat later bleek deze boot lek te zijn en moesten ze tijdens heel de overvaart naar Griekenland water hozen. Het waren wellicht de bangelijkste momenten van zijn leven.
Vanuit het eiland Lesbos begon een wekenlange reis met bus en trein, maar vooral eindeloze kilometers te voet: eerst naar Athene en dan via Bulgarije, Kroatië, Servië, Hongarije, Oostenrijk… Door een administratieve fout verzeilden ze via Zwitserland ongewild in Frankrijk waar ze door de politie werden opgepakt en in de cel belandden. Ze moesten terug naar Zwitserland en geraakten dan met de juiste trein in september 2015 uiteindelijk in Brussel. Na lang aanschuiven op het Commissariaat voor de Vluchtelingen werden ze met de bus naar het asielcentrum in Verviers gebracht, waar ze een maand verbleven in een tent en vervolgens terug verhuisden naar het asielcentrum in Koksijde.
Daar vond Mostafa eindelijk wat rust en leerde hij Nederlands in een OKAN-klas. Maar hij voelde enorm veel heimwee: hij wilde terug naar zijn ouders! Pas in juni 2016 verkreeg hij de erkenning als vluchteling en kon hij zijn familie in Noord-Antwerpen vervoegen. Het was een grote stap om naar school te gaan: toch voelde hij zich welkom op het Lucerna-college en maakte er vrij snel veel vrienden. Hij mocht er op internaat gaan en leerde er goed Nederlands en Turks spreken. Maar mentale problemen bleven hem parten spelen: periodes van heimwee en depressie maakten dat hij zijn humaniora niet kon afronden. Van school veranderen bleek geen oplossing.
Wat hem wel vooruit hielp was de suggestie van Joke, een CAW-medewerkster, om een animator-cursus te volgen bij de vzw Tumult, die vakantiekampen voor jongeren tussen zes en vijftien jarigen organiseert. Na de cursus mocht hij zijn eerste stage doen op een zomerkamp op de Hoge Rielen in Kasterlee. Tussen de jongeren en animatoren met verschillende nationaliteiten heerste er een positieve sfeer. Mostafa kon wat betekenen voor anderen en werd zelf ook erg gewaardeerd voor zijn inzet! Enkele maanden later mocht hij met een groep animatoren mee op uitwisseling- en inleefreis naar Kosovo.
Bij terugkeer naar België viel het afscheid hem zwaarder dan ingeschat. Als zeventienjarige moest hij alleen gaan wonen op een kamer in Antwerpen. Enkele maanden later volgde plots een bevel om zijn woning te verlaten omdat het huis onveilig werd bevonden. Hij verhuisde naar een duurdere kamer, maar ook die werd verwaarloosd door de eigenaar. Die was oneerlijk en onbereikbaar. Daarom stopte Mostafa met huur te betalen. Maanden dat leidde tot een rechtszaak met veroordeling tot het betalen van al de achterstallige huur. Wonen in de Plataan is in ieder geval een veel aangenamere en veiligere thuisomgeving!
Via het OCMW geraakte Mostafa aan werk én kan hij opnieuw studeren via avondonderwijs: omdat hij graag met mensen praat en vaardig is in talen, is hij ondertussen bijna een half jaar aan de slag als onthaalbediende. Hij krijgt positieve reacties van collega’s en leidinggevende.
Mostafa droomt ervan dat hij spoedig zijn ouders opnieuw mag ontmoeten in Syrië. Hij heeft hen immers al tien jaar moeten missen… Het deed hem veel plezier dat Joran (van de PSC-jongerenwerking) zijn ouders is gaan bezoeken in Syrië en hartelijk door hen werd ontvangen. De PSC-jongerenwerking is voor Mostafa nog steeds een belangrijke vriendenkring. Ook de ondertussen uitgebreide bewonersgroep van De Plataan wordt stilaan een fijne groep van mensen die op mekaar betrokken zijn en samen een thuis willen maken.
Bob Cools
